Satellite
Show on map
  • Day19

    700.000 Rednecks (Niki Lake)

    July 28 in the United States ⋅ ☀️ 21 °C

    The Blue Rider mocht weer gas geven vandaag. Had toch gauw een dagje of drie stil gestaan in Madison. Da's niks aan voor een sportwagen. We verlaten Madison voor dag en dauw. Conclusie over Madison: aangename stad, beetje gewoontjes. Ik zou er niet speciaal voor omrijden, maar zou ik er doorheen komen zou ik zeker nog een stop maken. Het is het type stad waarvan je denkt, ik zou er best kunnen wonen. Alles klopt: heel veel groen, veel parken, aangenaam centrum, lekker veel studenten, mooie fietspaden, aangename wijken met vrijstaande eensgezinshuizen, mooi aanbod aan voorzieningen, (heel) veel studenten. Maar het mist misschien een rauw randje. Maar dat kan natuurlijk komen omdat de studenten niet in grote getalen in de stad zijn tijdens de zomer.

    Wij gaan nu dwars door Wisconsin, richting de grens met Minnesota. We komen langs een reeks leuke en minder leuke plaatsjes, maar bijna allemaal met een grappige naam (die soms de herkomst van zijn bewoners aangeeft). We rijden langs of door Verona, Lone Rock, Gotham, Sextonville, West Lima, Barneveld, Hollandale, Montfort, Fargo, Petersburg, Bloomcity, Dodgeville.

    We doen ons ontbijtje in Mineral Point. Een heel goed croissantje met ei en spek en een toast geprakte avocado. Mineral Point was een stadje van zink-mijnen, maar nu een toevluchtsoord voor creatievelingen, outkasts en kaasmakers. Veel pottenbakkers, schilders en andere creatievelingen. Maar ook kaasboerderijen. Sowieso afficheert Wisconsin zich als de zuivelstaat van de VS. Het zal ongetwijfeld met de Nederlandse roots van veel van de bewoners te maken hebben. Bijna iedereen die we spreken en vraagt waar we vandaan komen, meldt onmiddellijk dat zij ook Nederlandse voorouders hebben. (zo kreeg ik via een DNA-bank nog contact met een dame uit GreenBay, uurtje rijden van Madison, waarmee ik via mijn vaders kant DNA deel, grappig). We lopen een kaasfabriekje binnen. We denken een winkeltje binnen te stappen, maar staan gelijk in de kaasfabriek zelf. Een kleine vitrinekoelkast laat een keur aan kazen zien, bijna allemaal met een verwijzing naar een beroemde Europese kaassoort; cheddar, gorgonzola, parmezaan, brie, etc.

    Eén van kaasmakers komt in zijn witte broek, witte shirt, witte laarzen en witte haarnetje op ons af en vertelt, op onze uitnodiging, over zijn kazen. Als we vertellen dat we uit Nederland komen en wij nog nooit gehoord hadden van Barneveldse kaas, terwijl die daar toch echt ligt naast z'n beroemde Europese broers. Hij moet lachen en vertelt dat zijn zoon, dierenarts, onlangs op een congres een collega dierenarts uit Barneveld tegen is gekomen en dat die vertelde dat Barneveld nou niet echt bekend staat om z'n kaas, maar om z'n kippen en eieren. Ze hebben er erg om moeten lachten. Maar in de omgeving is die kaas een begrip, dus ze houden het zo (en vlakbij ligt ook Barneveld, Wisconsin..... dus). We kopen een stukje blauwschimmel kaas, zijn favoriet.

    We rijden weer honderd kilometer op een sukkeldraf verder door bergachtig gebied over kleine slingerwegen met gravel en gaten, langs glooiende akkers vol mais, bermen vol met paarse bloemen, over verroeste bruggen over kabbelende riviertjes met grote keien, langs begraafplaatsen met grote grijze grafstenen op gemillimeterd gras, langs grote boerderijen met rode schuren en in de zon glimmende metalen daken met daarnaast enorme grijze silo's, langs autokerkhoven met honderden autowrakken, langs uitgehakt rotswanden, door cedarbossen, langs grote wijngaarden en door slaperige dorpjes. Een soort mix van New England met z'n heuvels en bossen, en Zuidelijk Frankrijk met zijn glooiende akkers. Af en toe moeten we een boer met een grote landbouw- of dorsmachine passeren. Dat gaat altijd keurig en vriendelijk en er wordt veel ruimte gemaakt. Hier geen blokkades van agrofacisten of ander rechts gespuis, geen branden op de weg, geen bedreigingen aan onschuldige burgers. Inmiddels lijken het aantal rednecks in ons land die van de VS te overstijgen (als ik twitter, nu.nl en de krant moet geloven). Hier is het idyllisch, rustig, knal groen en vredig (op het oog).

    Met een lunch in het mooie stadje Viroqua in de maag, rijden we ons laatste stuk door Driftless Area (zo genoemd omdat hier geen enkel spoor van de ijstijd is gevonden) naar de bestemming voor de komende twee nachten, Norskedalen (= Noorse dal, maar dan op z'n Noors). 'T is een soort (klein) openluchtmuseum, waar één van de huisjes verhuurd wordt aan ons. In een Vallei vlak boven Coon Valley zijn een groep vrijwillgers begonnen om huisjes en hutjes van de eerste inwoners van dit gebied, van rond eind 1800, te conserveren en renoveren. Dat waren hier de Noren, vandaar Norksedalen.

    Er staan zo'n 10 kleine huisjes, een toilethuisje, een voorraadschuur, een complete boerderij met oorspronkelijke inrichting en een mooi wit houten kerkje. Zo moet het er ongeveer hebben uitgezien bij de eerste (blanke) bewoners. En in dit park, in één zo'n huisje, zitten wij nu. Met grote witgeschilderde balken als muur, een oude schommelstoel, bruine balken aan het plafond, met bloemen beschilderde keukenkastjes, schilderijtje van een Noorse vlag aan de muur, een geknoopt tapijt als wandbekleding, een ultra steil trapje met "hindeloopse" schilderingen naar de slaapverdieping en in de kelder een was- en plashok. 'T heeft ook wel een oud geurtje. Daar moeten we dan maar aan wennen.

    En buiten is het stil......dood en doodstil.

    Even wat anders. Of het de plek is, of de tijd weet ik niet, maar het mondkapje is weer terug in het straatbeeld hier in de VS. We voelen ons soms bijna bezwaard dat we hem niet consequent bij ons hebben. Op steeds meer plekken zien we mensen met mondkapjes. Kokend en bakkend personeel in de horeca heeft vrijwel allemaal een mondkapje op, maar ook in de bediening, achter de kassa in winkels, maar ook onder de bezoekers draagt zeker 1/3 een mondkapje. Ik heb het gevoel dat mensen hier inmiddels beter inschatten wat de risico's zijn dan bij ons en daar helpt het opvlammende aantal besmettingen vast ook bij. En dat terwijl het hier nu niet bepaald dichtbevolkt is. Ook staat er bij elke winkel, elk cafe, elk museum en elke toeristeninfo een spuitpompje om je handen te desinfecteren. En ze zijn niet eens leeg....dat was een paar weken geleden in NL wel anders.

    Morgen wordt het weer de dikke batsers aan en door de Norskedalen lopen en lopen en lopen en lopen en.......

    Tot morgen
    Read more