• Salonconditie

    February 25, 2025 in Belgium ⋅ ☁️ 11 °C

    De dagen lengen stilaan naar de lente. Krokussen beuken zichzelf de grond uit. Nog welgeteld 101 dagen scheiden me van het vertrek.
    Ik schrik van het aantal gedachten dat door een mannenhoofd kunnen trekken als het gaat om wandelen. Iets wat je in wezen iedere dag doet. Al is het maar doorheen je huis van kamer naar kamer. Vele preventieve gedachten. Over een evenwichtige uitrusting, over de uitdagende eenzaamheid, over het juist oriënteren en navigeren. En stilaan maak ik me zorgen over het feit dat ik me blijkbaar weinig of geen zorgen maak over mijn fysieke paraatheid. 1146km lang aan één stuk doorwandelen, enkel onderbroken door nachten en om de week of wat een rustdag. Wat met mijn 60 jaar oude ademhaling en bijhorende vermoeidheid? Wat als er 10 kilo op mijn rug hangt, de termperatuur stijgt tot 32°C, en het pad steil de hoogte ingaat zonder schuilschaduw? Wat als ik door dit soort omstandigheden mijn hartslag over stag voel gaan? Wat als mijn gemiddelde tempo steeds verder wegzakt naar amper 3 of zelfs 2 km/u?
    De gedachte maakt me amper overstuur. Vermoedelijk door de ervaring. Ervaring met afstand, met meerdaagse trekkings, met hoogteverschillen, ... OK, in de Pyreneeën vorig jaar overwon ik 700 hoogtemeters bij 34°C en kwam ik regelmatig letterlijk tot stilstand. Om mijn hartritme en bijhorend gehijg de tijd te gunnen om terug wat te zakken. Maar dat was enkel op de steilste flanken, en enkel in volle zon. En ik wist als ik mezelf een paar minuutjes stilstand gunde ik er weer tegenaan wilde gaan. Ik was ook nauwelijks getraind de weken en dagen voordien. Maar toch. Ook Zwitserland en Italië zijn me vertrouwd. Grote hitte, zwaar onweer, kletterende bliksem rond je oren... ik maakte het allemaal al een keer mee. Ik ken mezelf. Ik haal uit vele dingen moed en doorzetting. Vooral uit statistische gegevens. We zijn al voorbij de helft. De zwaarste stijging is al voorbij. Mijn ritme zit perfect... Dat soort uitspraken doe ik dan in mijn stille zelf. En dan voel ik dat ik nog kan versnellen als ik zou willen. Dat stelt me dan gerust.
    Al wil ik het Schotland-scenario in april 2017 echt nooit meer meemaken. Als ik toen alleen onderweg zou geweest zijn, kon ik het vermoedelijk niet meer navertellen. Al zullen de omstandigheden op de VF nooit dezelfde zijn als toen. We waren toen op de terugweg van een top. Een 'wilde' klim zonder pad. Enkel een virtuele lijn op een GPS. Je had enkel je ogen om je volgende meter doorheen een chaotische massa van rotsen, grassen, plassen, zompige zone's in te schatten. En het ging stevig bergaf. Tegelijkertijd kwamen we net uit een stevig timmerende hagelbui en kregen plots doorheen de inktblauwe wolken de zon en stukken blauwe lucht te zien. De buiengordijnen werkten het geheel af met stukken regenboog in een compleet desolaat rotslandschap. Waanzinnig magisch. Alsof je vier seizoenen in één oogopslag te zien kreeg. Ik weet nog dat ik me bewust was van het geluk dat ik had om dat te mogen meemaken. We liepen ook niet meer op een rijtje. Ieder zocht zijn eigen manier en eigen ritme in het afdalen. Wat ik sindsdien altijd ben blijven onthouden zijn volgende eenvoudige wijsheden. Als je geniet van het landschap stop je met stappen. En als je stapt kijk je uit waar je voeten zet en kijk je dus niet in de verte. De twee combineren is het risico opzoeken. Ik ben toen te lang met mijn ogen het natuurwonder blijven volgen en voor ik het wist plante ik mijn wandelstick in het ijle naast me met een klifje van een viertal meter diep naast me. Ik verloor mijn evenwicht en ik schoof onvermijdelijk de diepte in. Met mijn hoofd naar voren kwam ik tot stilstand tegen een rots. Ook mijn rechterschouder had al wat oneffenheden te verwerken gekregen. Gelukkig had ik toen mijn goede vrienden bij me, incluis een EHBO-set die haar deugdelijkheid kon bewijzen. Toen er een volle 6 uur later ein-de-lijk een dokter voor me stond bleek de aanpak van ons gezelschap perfect. De hoofdwonde, incluis schedelbarst, was spectaculair maar is vandaag niet meer te zien. Na een extra dag en nacht observatie in het ziekenhuis van Inverness kon ik de groep terug vervoegen. Gelukkig hield ik er geen enkel trauma aan over en was ik drie maanden later weer van de partij in de Sloveense Alpen. De les over stappen en kijken zal ik echter nooit meer vergeten. Hetzelfde over het nemen van foto's. Sta stil, neem je tijd, één ding tegelijk.
    En dan is er nog de etappe naar Saint-Jean-du-Gard op de GR 70 (chemin de Stevenson). Na 8 dagen genieten, net op de laatste dag, speelt traag maar zeker een stekende pijn in mijn gewrichtsbanden tussen mijn linkervoet en onderbeen. Zelfs een dubbele dosis pijnstilling en ontstekingsremmende zalf kon me niet terug soepel laten lopen. Manken en harken naar de finish voor 9 kilometer. Ook de volgende dag was de pijn nog zeker aanwezig. Maar het ebde daarna even snel weer weg. Op een route waar je nog pakweg 900 kilometer voor de boeg kan ik me inbeelden dat dit je moreel doet wankelen. Rust en tijd nemen. Meer zit er dan niet op. En je plan aanpassen. Ook dat weten we vooraf. Uiteraard zijn er nog de 101 mogelijke rampen die ik nog niet voor mijn voeten kreeg. En waar ik dus niet vooraf op zit te anticiperen. Ach. Laat het doemdenken maar aan de hypochonders. De zin om te gaan overwint wel. Laat me dat hopen.
    Read more